Het secundair onderwijs uitgelegd
Na het tweede jaar secundair moet je kiezen: de eerste graad loopt tot dan, en vanaf het derde jaar begint de tweede graad. De woordenschat voor die keuze is sinds de modernisering veranderd. ASO, TSO en BSO bestaan niet meer als labels. In de plaats staat een matrix van finaliteiten en studiedomeinen. Hieronder staat wat die termen betekenen, zodat de filters op deze site ergens op slaan.
De graden
Het secundair is opgedeeld in drie graden. In de eerste graad kies je nog geen studiedomein en nog geen finaliteit: daar is het aanbod voor iedereen ongeveer hetzelfde, met wat ruimte om dingen uit te proberen. De echte keuze begint in de tweede graad, en wordt in de derde graad smaller.
Finaliteit: doorstroom, dubbel of arbeidsmarkt
De finaliteit zegt waar een richting je op voorbereidt. Er zijn er drie.
- Doorstroom mikt op verder studeren na het secundair, aan een hogeschool of universiteit.
- Arbeidsmarkt bereidt voor op meteen aan het werk gaan, met een beroep in handen.
- Dubbel houdt allebei open: verder studeren kan, gaan werken ook.
Dit is de opvolger van ASO, TSO en BSO, maar het is geen simpele hernoeming. De oude labels zeiden vooral iets over het soort school; de finaliteit zegt iets over waar de richting zelf op uitkomt.
Studiedomein: waarover de richting gaat
Naast de finaliteit staat het studiedomein, en dat zegt over welk vakgebied een richting gaat. Er zijn er acht:
- Economie en organisatie
- Kunst en creatie
- Land- en tuinbouw
- Maatschappij en welzijn
- Sport
- STEM
- Taal en cultuur
- Voeding en horeca
Daarnaast bestaan de domeinoverschrijdende richtingen, die bij geen enkel domein horen omdat ze te breed zijn. Daar zitten onder meer de vroegere ASO-richtingen in, zoals de klassieke talen en de wetenschappen-wiskunderichtingen.
Domein en finaliteit samen vormen de matrix: acht domeinen plus de domeinoverschrijdende rij, tegen drie finaliteiten. Elke studierichting van de tweede en de derde graad heeft daarin één plaats.
De officiële indeling, met per domein alle studierichtingen, staat bij Onderwijs en Vorming: Studiedomeinen in het secundair onderwijs. Dat is de bron; wat hierboven staat, is onze samenvatting ervan.
Duale richtingen
Sommige richtingen zijn duaal: je leert deels op school en deels op een werkplek, met een overeenkomst bij een werkgever. Het diploma is hetzelfde als bij de niet-duale variant.
Het net: wie de school inricht
Het net zegt wie de school organiseert: het GO! (het onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap), een provincie, een stad of gemeente, of een vrije inrichtende macht, meestal katholiek of methodeonderwijs. Dat bepaalt onder meer het levensbeschouwelijk vak en het schoolreglement. Het zegt niets over de kwaliteit van de school.
Wat je op deze site niet vindt
Geen ranglijst, geen sterren, geen oordeel over welke school beter is. Deze site zegt welke scholen bestaan, waar ze liggen en wat ze aanbieden. Infodagen, aanmelden en inschrijven lopen via de school zelf of via het aanmeldsysteem van je gemeente. De rest beslis je zelf, het best door zelf te gaan kijken.